25-09-2019Marcel’s mening

Versterk gemeenten

Marcel Moes roept gemeenten op de Haagse bubbel van de Miljoenennota door te prikken. Het Rijk heeft gemeenten nog teveel in de tang.

Ruim een week geleden sprak koning Willem-Alexander de Troonrede uit. Het gaat goed met ons land. De economische groei houdt aan, hoewel die de komende jaren gaat afvlakken. Begrotingsoverschotten laten de staatsschuld verdampen. En er komt een investeringsfonds voor de economie en fysieke infrastructuur.

Na de Troonrede barst het publieke debat los; vooral over de baard van de koning. Op inhoud bleef tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen 2019 in de Kamer een geanimeerd debat uit. Voor elk zat er blijkbaar wat wils in de plannen van het Kabinet. Daarnaast wierp een verkiezingsloos parlementair jaar zijn schaduw vooruit en was de profileringsdrang van de parlementariërs gering.

Toch zijn er genoeg redenen om scherp het debat aan te gaan. Ondanks de economische voorspoed is er namelijk nog genoeg werk te doen. Bij een focus op de Rijksbegroting en economie en infrastructuur dreigen we namelijk de sociale infrastructuur uit het oog te verliezen. Daar staan namelijk gemeenten voor aan de lat. Zij staan daarbij voor de opgave ingewikkelde maatschappelijke vraagstukken op te lossen en bruggen te slaan over de scheidslijnen door de samenleving heen. Alsof die uitdaging al niet groot genoeg is moeten ze ook nog jongleren met de sterk schommelende financiële middelen vanuit het Gemeentefonds. Ga er maar aan staan.

"Voor het oplossen van ingewikkelde maatschappelijke vraagstukken is het nodig dat de positie van gemeenten wordt versterkt."
Marcel Moes Partner

Het Rijk heeft gemeenten nog teveel in de tang. Ondanks decentralisaties hebben de gemeenten nog weinig invloed, zeker op het terrein van het sociaal beleid. Dit blijkt uit het onderbelichte rapport Beleidsvrijheid geduid van de Raad voor het Openbaar Bestuur. Deze knappe koppen stellen dat bij de nieuwe vormgeving van de financiële verhoudingen tussen het Rijk en gemeenten meer oog moet zijn voor lokale beleidsvrijheid van gemeenten. Daarbij hoort ook een eigen belastinggebied voor gemeenten.

Voor het oplossen van ingewikkelde maatschappelijke vraagstukken rond bijvoorbeeld schulden, integratie, criminaliteit, discriminatie, non-participatie en gezondheidsproblemen is het nodig dat de positie van gemeenten wordt versterkt. De opgaven waar gemeenten voor staan in combinatie met schaalvergroting van gemeenten (we zijn van 1.236 gemeenten in 1817 naar 355 gemeenten in 2019 gegaan en dit proces gaat door) vraagt een andere verhouding tussen gemeenten en het Rijk. Een verhouding met echte beleidsvrijheid voor gemeenten om sociale vraagstukken te lijf te gaan en een financieringsmodel dat recht doet aan de veranderende verantwoordelijkheidsverdeling.

De Rijksbegroting mag dan nu op orde zijn, lokaal liggen er nog steeds forse sociale en financiële opgaven op het bordje van de gemeenten. Zij hebben op het sociaal domein de afgelopen jaren de forse bezuinigingsagenda van het Rijk doorgevoerd. De rek is er uit en inmiddels wordt de dienstverlening aan de inwoner geraakt. In gemeentebegrotingen wordt dit steeds duidelijker zichtbaar: het eigen vermogen neemt al jaren af, evenals de solvabiliteit. Dit vraagt van colleges keuzes in schaarste, die in deze tijden van voorspoed bijna niet meer uit te leggen zijn aan de inwoner en de gemeenteraad.

Gemeenten, trek op naar Den Haag en prik de Haagse bubbel van de Miljoenennota door. Wellicht dat we volgend jaar dan meer vuurwerk tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen 2020 te zien krijgen.