Langer zelfstandig thuis
Gemeenten spelen een belangrijke rol bij het langer zelfstandig (thuis)wonen, door ondersteuning te bieden via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De laatste jaren is een sterke stijging te zien van het gebruik van de Wmo voorziening Hulp bij het huishouden. In veel gemeenten leidt dit, in combinatie met een tekort aan personeel, tot wachtlijsten. De gemeente Amsterdam en de gemeente Oosterhout onderzoeken hoe zij hun dienstverlening beter kunnen aansluiten op wat inwoners nodig hebben. Hoe de pilots – van het idee tot de uitvoering- tot stand kwamen, lees je in dit artikel.
Betere kwaliteit van leven
In de pilots staat het gedachtegoed van reablement centraal. Uitgangspunt is: iemand helpen zijn eigen leven te leiden door:
• Niet over te nemen wat mensen zelf kunnen;
• Mensen helpen herwinnen wat ze niet meer kunnen;
• En samen zorgen voor een oplossing voor dat wat overblijft.[1]
Uit onderzoek blijkt dat ouderen door reablement een betere kwaliteit van leven ervaren en meer vertrouwen hebben in hun handelen. Ze zijn minder afhankelijk van zorgdiensten en ervaren meer regie over hun leven.[2]
Wie zijn de doelgroepen?
De pilots zijn onder andere bedoeld voor alleenstaanden waarbij voorheen een duidelijke taakverdeling in het huishouden bestond, maar door het verlies van een partner hulp nodig is bij het aanleren van bepaalde huishoudelijke activiteiten. Of mensen met aandoeningen zoals reuma en artrose waarbij het juist van belang is gedoseerd in beweging te blijven. Dit geldt ook voor revaliderende mensen. Ook inwoners die begeleid zelfstandig wonen en baat hebben bij praktische adviezen doen mee aan de pilot.
In samenwerking met de ergotherapeuten zijn in de gemeente Amsterdam aanvullende criteria opgesteld. Zo moet de Amsterdammer gemotiveerd zijn, inzicht hebben in zijn/haar ziekte of beperking en het voordeel zien van regie nemen. In totaal doen vijftig Amsterdammers mee. Na een eerste intake en een observatie in huis wordt samen in zo’n zes sessies gewerkt aan de doelen uit een plan. De gemeente Oosterhout werkt zonder specifieke criteria. De Wmo-consulent onderzoekt in gesprek met de inwoner of het aanbod passend is. Zo’n dertig inwoners worden voor de pilot benaderd en in gemiddeld vijf sessies begeleid.
Gemeente Oosterhout: Hulp bij het huishouden-plus
Stel je voor: je bent vijfenzeventig, sinds kort alleenstaand en artrose beperkt je steeds meer in je doen en laten. Je doet een aanvraag voor Hulp bij het huishouden bij de gemeente Oosterhout. Een Wmo-consulent komt op bezoek en bespreekt welke hulp je nodig hebt. Misschien heb je baat bij hulpmiddelen of aanpassingen in huis. Of is begeleiding prettig bij bepaalde huishoudelijke activiteiten. In dat laatste geval betrekt de Wmo-consulent een ergotherapeut. De ergotherapeut komt bij jou thuis om in zo’n vijf sessies te onderzoeken welke huishoudelijke activiteiten je (eventueel met hulpmiddelen) nog kunt uitvoeren of aanleren. Door de praktische tips en het samen oefenen, met aandacht voor jou en je aandoening, voel je je gesterkt. Misschien is na de vijf sessies alsnog (gedeeltelijke) ondersteuning bij het huishouden nodig. Op basis van de bevindingen van de ergotherapeut beoordeelt de consulent of en voor hoeveel minuten je een indicatie voor huishoudelijke hulp krijgt.
Gemeente Amsterdam: Huishoudcoach
In tegenstelling tot de gemeente Oosterhout gaat een Amsterdammer met een ondersteuningsvraag naar het Buurtteam of neemt rechtstreeks contact op met een Hbh-aanbieder. De pilot vindt plaats in samenwerking met twee Hbh-aanbieders in Zuidoost en alleen deze (potentiële) klanten krijgen het aanbod van de zogenoemde ‘huishoudcoach’. Bij een aanvraag kijken geïnstrueerde intakemedewerkers samen met de Amsterdammer welke ondersteuningsbehoefte er is, of begeleiding door de ergotherapeut wenselijk is en of de klant voldoet aan de pilotcriteria. De klant krijgt een kortdurende Hbh-beschikking. Het aanbod van de huishoudcoach is vrijblijvend. Is de klant geïnteresseerd? Dan neemt de ergotherapeut uit Zuidoost contact op voor het maken van een afspraak. Na een eerste observatie thuis, worden samen doelen opgesteld en vindt in de komende weken begeleiding op deze doelen plaats. Daarna evalueren zij samen welke behoefte er nog is aan aanvullende ondersteuning en volgt desgewenst een nieuwe beschikking.