Check, check, dubbel check

En nee, dan heb ik het niet over een corona check. Op 1 januari treedt namelijk de nieuwe Wet inburgering in werking. Gemeenten hebben goede voornemens voor het nieuwe jaar, maar hoe zorgen ze ervoor dat het niet alleen bij goede voornemens blijft? Wordt er vanaf 1 januari daadwerkelijk volgens de nieuwe wet gewerkt? In dit artikel stel ik je een aantal vragen die gemeenten niet over het hoofd moeten zien. Onderstaande checklist kan daarbij helpen.

Uiteindelijk is het doel van de nieuwe wet om inburgeraars snel en volwaardig mee te laten doen in de maatschappij, het liefst via betaald werk. Gemeenten worden onder andere verantwoordelijk voor kwalitatief goed taalonderwijs voor inburgeraars, persoonlijke begeleiding en het bieden van maatwerk. Dit vraagt van ons allemaal om een andere manier van werken. Wat we in 2022 door heel het land gaan zien is het resultaat van inzet op verschillende niveaus. Zo heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid het ‘waarom’ en ‘wat’ bedacht. Projectleiders, programmamanagers en beleidsadviseurs binnen gemeenten hebben vervolgens het ‘hoe’ van de nieuwe Wet inburgering vormgegeven. Het is straks aan de klantmanagers om dit alles in de praktijk toe te passen bij hun begeleiding aan de inburgeraars.

Onduidelijkheid
Bij een verandering in de manier van werken is het allereerst noodzakelijk dat er geen sprake is van onduidelijkheid. In de nieuw Wet inburgering zal er bijvoorbeeld gewerkt worden met een Plan Inburgering en Participatie (PIP). Het PIP is een beschikking op basis van de Participatiewet en de Wet inburgering. Weten klantmanagers hoe de plichten uit de Participatiewet zich verhouden tot de plichten uit de Wet inburgering? En zijn ze vervolgens in staat om de verschillende gevolgen van het niet nakomen van het PIP goed uit te leggen aan de inburgeraar? Uiteindelijk willen we voorkomen dat inburgeraars de dupe zijn van onduidelijkheid over deze twee wetten.

Eigenaarschap
Een andere voorwaarde voor het veranderen van een werkwijze is het ervaren van eigenaarschap. Veel gemeenten hebben nieuw inburgeringsmateriaal gemaakt. Denk aan nieuwe brieven, een nieuwe Brede Intake en PIP of misschien wel een nieuw welkomstpakket. Ook is het werkproces aangepast en zijn applicaties opnieuw ingericht. Maar zijn de klantmanagers genoeg betrokken bij dit nieuwe materiaal? Zij zijn de experts als het gaat om de begeleiding. Is er om hun mening gevraagd en wordt hun expertise gerespecteerd?

Andere partijen
Hoe mooi het allemaal op papier lijkt, in praktijk blijken veel ideeën vaak niet goed te werken om het doel te bereiken. Klantmanagers moeten bijvoorbeeld samenwerken met andere partijen zoals het COA, Vrijwilligerswerk Nederland of de taalaanbieder. Die partijen hebben een eigen werkwijze. Sluit de informatie die de ene partij vertelt aan de inburgeraar aan bij de informatie van de andere partij? En is er geen sprake van een informatie overload?

Oefenen
Bovenstaande vragen zijn een kleine greep uit de vele vragen waar klantmanagers tegenaan kunnen lopen in de begeleiding van inburgeraars. Niet te vergeten dat de klantmanagers te maken hebben met verschillende typen inburgeraars met een verschillende leerbehoeften (zie ook het Artikel van mijn collega Roos https://nautus.nl/project/alle-inburgeraars-in-beeld/). Juist door alle kennis in praktijk te brengen en frequent te evalueren kun je als gemeente zien waar de bottleneck zit. Wacht dus niet te lang met reflecteren, start met het nieuwe materiaal ook al is het misschien nog niet helemaal af, en accepteer dat het in het begin gepaard zal gaan met vallen en opstaan. Zolang de inburgeraar centraal staat en we bereid zijn te blijven leren en aanpassen worden die goede voornemens werkelijkheid in 2022. Oefening baart kunst!

Meer weten?

Over de nieuwe Wet inburgering? Neem dan contact op met onze Nauturiaan Aafke de Leeuw.

Mail Aafke